diversiteit
Nooit meer wegkijken

‘Ze willen bijna allemaal terug.’ Dat zien onderzoekers Maike Gieling en Elga Sikkens misschien wel als het meest verbluffende signaal uit de gesprekken met politiecollega’s die uitsluiting, discriminatie of racisme hebben ervaren. ‘Zelfs degenen die er al jarenlang mee te maken hebben. Als je ze vraagt wat ze willen, is het antwoord verrassend eenvoudig: gewoon aan het werk. Het blauwe hart klopt nog steeds.’ Daarom alleen al vinden ze het essentieel dat er niet meer wordt weggekeken als het gaat om uitsluiting, discriminatie of andere vormen van ongewenst gedrag.
De documentaire De Blauwe Familie is absoluut een katalysator geweest voor de discussie over diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie binnen de politie. Was het voor jullie de directe aanleiding om het onderzoek te starten?
Maike: 'Voor mij persoonlijk begon het eigenlijk al een stap eerder. Wetenschappelijke onderzoeken laten al veel langer zien dat discriminatie en uitsluiting binnen de politie bestaan. Maar wat mij opviel, was dat de discussie telkens terugviel op één persoon, één conflict. Toen Fatima Aboulouafa zich bijvoorbeeld uitsprak op social media, was er aandacht. Maar daarna werd al snel geconcludeerd dat het vooral ging om mensen die met elkaar in de clinch lagen. Terwijl zij een structureel probleem aankaartte.'
Elga: 'Ik kom wat later in beeld, na de documentaire. Toen gaf Johan van Renswoude, landelijk coördinator, aan dat hij dit probleem wilde aanpakken. Ik heb hem toen benaderd of ik vanuit onderzoek iets kon betekenen. Hij koppelde Maike en mij uiteindelijk aan elkaar.'
Maike: 'Voor mij was het ook een bewuste keuze om dit samen op te pakken. En er was toch al de wens om meer samen te werken tussen de Politieacademie en de eenheden. Dit onderwerp leende zich daar heel goed voor.'
Voorbeeld uit rapport Nooit meer wegkijken?
Collega X kaart op zijn eerste werkdag discriminatie aan bij zijn teamchef. Gesprek van 1,5 uur, politiek correct antwoord, daarna nooit meer iets gehoord. 'Toen wist ik niet zo goed wat ik moest doen dus toen heb ik het gelaten.'

Elga Sikkens (links) en Maaike Gieling
In het onderzoek staan geen cijfers vermeld. Waarom niet?
Maike: 'De aantallen meldingen zijn gewoon ontzettend moeilijk te achterhalen. Omdat ze op allerlei manieren binnenkomen en niet worden vastgelegd. Meldingen kunnen binnenkomen bij een teamchef, een vertrouwenspersoon, een intern onderzoeker. En dat wordt nergens centraal geregistreerd. Zelfs als je kijkt naar vastgelegde dossiers van interne onderzoeken, is dat niet met één druk op de knop te verzamelen.'
Elga: 'En als je die cijfers wel zou hebben, weet je nog niet waar het over gaat. Wat de één ervaart als uitsluiting, ervaart de ander niet. Dat is gewoon heel persoonlijk. Dan vraagt een onderzoek ook om goede, diepgaande gesprekken in plaats van tabellen en figuren. Daarom hebben we ook direct al die weg gekozen en zijn we met de betreffende melders aan tafel gegaan. En met de mensen eromheen zoals leidinggevenden, vertrouwenspersonen en dergelijke.’
Maike: 'Ons uitgangspunt was: het gebeurt! En dan brengt het nogmaals aantonen met onderzoek je niet veel verder. Als je dat accepteert, verschuift de vraag: hoe handelt de organisatie dan en hoe kan dat beter? Dat is waar wij ons op hebben gericht.'
Voorbeeld uit rapport Nooit meer wegkijken?
Tania wordt na voordracht voor een senior-functie structureel buitengesloten en gepest door collega's: genegeerd bij briefings, overgeslagen met werk en koffie. Meldt dit tientallen keren ('meer dan 30 meldingen') zonder resultaat — zelfs haar eigen OE gaat meedoen met negeren. Wordt ziek, vecht drie jaar door, krijgt uiteindelijk gehoor bij stafchef en eenheidsleiding, ontvangt excuses op papier — maar: 'Het heeft me echt kapotgemaakt.'
Zijn jullie verrast door wat jullie hoorden?
Maike: 'We hebben op een gegeven moment naar elkaar uitgesproken dat de naïviteit er wel af was. Niet dat we naïef waren begonnen, want we hadden wel een idee wat er in de praktijk speelt. Toch word je keer op keer geraakt door de verhalen. Je kunt heel abstract iets vertellen over discriminatie, maar als iemand zijn persoonlijke verhaal vertelt, raakt dat altijd. Ook al is het verhaal op zich niet nieuw.'
Elga: 'Wat ons ook verraste, was de breedte. We begonnen met de verhalen uit De Blauwe Familie in het achterhoofd. Maar de mensen die zich meldden, brachten veel meer thema's en vormen van uitsluiting mee dan we aan de voorkant hadden verwacht. Het bleek dat mensen zich vooral herkenden in het gevoel alleen te staan binnen de organisatie. Tijdens re-integratie na ziekte, in een loopbaandiscussie. Niet alleen het incident zelf, maar vooral die ervaring van: er is niemand die me bijstaat, die naast me staat.'
Maike: ‘En natuurlijk dat grote blauwe hart. Iedereen die we spraken - ook de mensen die heel lelijke dingen hadden meegemaakt - wilde uiteindelijk maar één ding: gewoon weer aan het werk. Zelfs mensen die waren weggegaan, wilden vaak nog terug. Dat het blauwe hart ondanks alles nog zo sterk klopt, raakt me misschien nog het meest.'
Voorbeeld uit rapport Nooit meer wegkijken?
Melder wil na intern onderzoek graag de uitkomst weten, maar mag wettelijk niet geïnformeerd worden zolang het traject (incl. AGFA-toetsing) loopt. Voelt zich in de kou gelaten: 'In het vervolg zal ik niet weer melden.'
En wat merkte je bij leidinggevenden?
Maike: 'Ze worstelen. Niet alleen op het moment van melden, ook erna. Het moment dat de zaak 'opgelost' lijkt, maar het team nog steeds moet functioneren. De hulptroepen zijn vertrokken, de melder blijft achter in dezelfde dynamiek. En sommige leidinggevenden gaven aan dat een melding die via triage naar een formeel traject gaat, voelt als iets wat hen uit handen wordt genomen. Ze spelen geen rol meer, terwijl ze wel met de nasleep verder moeten.'
Elga: 'Het gaat ook heel erg over hun eigen handelen. Dat je met iemand aan tafel zit, betekent niet dat iemand zich ook gezien en gehoord voelt. Ze geven aan dat ze in de praktijk niet altijd goed weten hoe ze ermee om moeten gaan. Niet dat ze dat niet willen, maar ze voelen dat ze de capaciteiten missen. En ze missen de ondersteuning om op de juiste manier verder te gaan. Ook zij voelen zich alleen staan.’
Voorbeeld uit rapport Nooit meer wegkijken?
Bodycam-beelden tonen discriminerende uitlatingen en grensoverschrijdend (flirt)gedrag. Teamchef meldt dit zelf omdat hij een machocultuur wil aanpakken en specialistische kennis nodig acht. Na triage volgt disciplinair onderzoek (waarschuwing en functioneringstraject), maar de teamchef heeft gemengde gevoelens: de focus kwam op één persoon te liggen, het zorgde voor onrust en wantrouwen in het team — niet wat hij beoogde.
Wat is de belangrijkste conclusie?
Maike: 'Dat niet alleen het gedrag zelf bepalend is voor hoe iemand de situatie ervaart, maar de reactie van de organisatie erop. Vervelend gedrag op de werkvloer is en blijft vervelend. Maar als er meteen een norm tegenover wordt gezet, dan is de schade beheersbaar. Veel schadelijker zijn de zaken die onbenoemd blijven, of worden afgedaan met 'trek het je niet aan’.’
Elga: 'En wat opvalt: de opvolging na een incident is nogal willekeurig. Het maakt uit waar een melding binnenkomt en bij wie. Dat betekent dat je als melder heel erg afhankelijk bent van waar je je op dat betreffende moment bevindt in de organisatie. Dat zou natuurlijk niet moeten mogen.’
Maike: ‘Ongeacht bij wie je meldt, zou je dezelfde zorgvuldige opvolging mogen verwachten. Inmiddels is er wel beleid: meldingen en vermoedens moeten altijd in triage worden besproken. Daarvoor is een aanpak opgezet.’
Elga: ‘Maar zo’n melding zegt nog niets over wat er daarna voor de melder verandert. Een van de conclusies is dan ook om structureel aandacht te hebben voor herstel in de opvolging van een melding. Dat kan gaan om herstel van de relatie tussen collega’s die weer samen verder moeten werken. Maar ook over het leren van de situatie en aanpakken van onderliggende problemen. Dus dat er een gedegen en structurele aanpak komt, is essentieel.’

Maike Gieling is lector diversiteit en divers vakmanschap vanuit het Kenniscentrum Mens en Politieorganisatie van de Politieacademie.
Elga Sikkens werkt als onderzoeker bij de eenheid Midden-Nederland.
Samen deden ze onderzoek naar de aanpak van grensoverschrijdend gedrag binnen de politieorganisatie. Dat heeft inmiddels geleid tot het eindrapport met de titel Nooit meer wegkijken? Dit rapport maakt deel uit van de politiebibliotheek en is daar digitaal verkrijgbaar. Heb je interesse in een fysiek exemplaar, stuur dan een mailtje naar communicatie@politiebond.nl.
Download het eindrapport

tekst: Jos de Blank | foto's: Shutterstock en Jos de Blank