nieuwe spelregels

VERSCHUIVINGS­VERGOEDING

Sinds 2008 hebben politiemede­werkers in drie gevallen recht op een vergoeding als er in het dienstbelang (= omdat het korps het noodzakelijk vindt) verschuivingen plaatsvinden in eerder bekendgemaakte roosters.

Er zijn vier soorten dienstroosters

  • Perioderooster – 28 dagen voor de startdatum van een periode bekend gemaakt;
  • Dienstrooster – 7 dagen voor de startdatum van een periode bekend gemaakt;
  • Dagrooster variant 1: de dag van vandaag plus de volgende 7 kalenderdagen;
  • Dagrooster variant 2: de dag van vandaag plus de volgende 3 kalenderdagen.

Er zijn drie soorten verschuivingen die aanspraak op een vergoeding opleveren

  • Een verschuiving van een vrije zondag of een dag in de wekelijkse rusttijd in het perioderooster naar een andere dag in het dienstrooster.
  • Een verschuiving van een vrije dag in het dienstrooster naar een andere dag in het dagrooster.
  • Een verschuiving van de begin- en eindtijd van een dienst in de laatste vier dagen voor de betreffende dienst (alleen mogelijk met schriftelijk vastgelegde instemming van de betreffende medewerker).

De verschuivingsvergoeding wordt per uur toegekend en is gelijk aan de overwerktoeslag per uur. Het vast­stellen van het recht op een verschuivings­vergoeding gebeurt door per roosterperiode eenmalig terug te kijken.

Wat is er veranderd sinds 1 november 2025:

1. Uitbetalingsdrempel definitief weg

Aanvankelijk gold voor toekenning van een verschuivingsvergoeding een drempel van acht verschoven uren ten opzichte van het perioderooster en dienstrooster SAMEN. Dat wil zeggen: alleen het aantal uren (of delen van uren) boven de eerste acht uur kwam voor vergoeding in aanmerking. Deze drempel was al tijdelijk afgeschaft, maar verdwijnt definitief. Sinds 1 november 2025 tellen alle verschoven uren (of delen daarvan) dus mee voor de vergoeding – ook de eerste acht.

2. Berekeningsgrondslag realistischer

Tot nu toe gold een verschoven wekelijkse rustdag of vrije zondag automatisch als een dienst van acht uur – ook als iemand die dag in feite minder dan acht uur had gewerkt. Sinds 1 november 2025 wordt bij het vaststellen van de verschoven uren in het perioderooster uitgegaan van de feitelijk gewerkte uren.

3. Aanspraak voortaan ook bij rampen

In geval van een ramp kan het uiteraard noodzakelijk zijn de gemaakte roosters volledig om te gooien om zo spoedig mogelijk de benodigde politie-inzet te kunnen realiseren. Sinds 1 november is officieel vastgelegd dat ook al deze verschuivingen meetellen voor de toekenning van een verschuivingsvergoeding.

4. Verschuivingen vastgesteld per kalenderdag

Met ingang van 1 november 2025 is in de rechtspositie opgenomen dat een dagrooster wordt vastgesteld per kalender­­dag en dat het verschuiven van uren van de ene naar de andere kalenderdag niet mogelijk is. Deze werkwijze was in BVCM altijd al zo ingeregeld, maar deze afspraken waren nog niet formeel vastgelegd.

VOORBEELD

In een vastgesteld dagrooster staat voor een medewerker op een bepaalde dag een late dienst van 14.00 tot 23.00 uur. De werkgever wil die dienst wijzigen in een nachtdienst van 22.00 tot 07.00 uur. Dat kan dan niet door de late dienst in zijn geheel op te schuiven over de daggrens heen. Er vinden dan op twee kalender­dagen verschuivingen in diensten plaats EN de medewerker heeft recht op kwijt­schelding van de geplande uren die hij door dit besluit van de werkgever – twee dagdiensten worden één nachtdienst – niet heeft hoeven werken (cao-compensatie).

5. Diensten rondom een vrije dag

De dienst voor een vrije dag moet uiterlijk om 23.00 uur eindigen en na een vrije dag kan de dienst pas om 07.00 uur beginnen. Deze tijden kunnen worden aangepast naar respectievelijk 24.00 uur en 06.00 uur, maar vanaf 1 november 2025 alleen als een individuele medewerker daar­mee instemt. Er is een eind gemaakt aan de situatie waarin een Onder­nemingsraad binnen een eenheid voor alle medewerkers gelijktijdig afwijkende afspraken kon maken. Voortaan is zo’n afspraak alleen mogelijk tussen een medewerker en de leidinggevende.

6. Lagere ORT door verschuivingen

Een verschuiving in het dagrooster kan leiden tot een lagere onregelmatig­heids­toeslag of ORT (inconveniënten­vergoeding). In de regelgeving is vast­gelegd dat je in dat geval geen aan­spraak kunt maken op financiële compensatie. De ORT wordt voortaan alleen nog toegekend voor daad­werkelijk gewerkte uren en uren die als cao-comp worden verantwoord.

7. Teruggedraaide verschuivingen

Onveranderd is dat roosterverschuivingen die tussentijds met instemming van de medewerker worden teruggedraaid niet voor vergoeding in aanmerking komen.

VOORBEELD

Een medewerker stemt ermee in dat hij twee dagen later een late dienst draait in plaats van een vroege dienst. De dag erna stemt hij in ermee in dat hij toch de oorspronkelijke vroege dienst draait. In dit geval was er een vroege dienst vastgesteld in het dagrooster en uiteindelijk wordt er ook een vroege dienst geregistreerd. Er is dan geen recht op verschuivingsvergoeding.

Terug

tekst: Dick Harte | foto: Stevie Heuer